Let op!

U bekijkt de website op dit moment in een sterk verouderde browser, hierdoor kan het zijn dat onze website niet goed werkt. Gebruik bij voorkeur de laatste versie van een moderne browser als Chrome of Firefox.

Uw diagnose

Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH)

Bij Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH) is er sprake van een beschadiging van de hersenen, ontstaan na het eerste levensjaar, door welke oorzaak dan ook. De gevolgen ervan verschillen sterk van persoon tot persoon. Roessingh, Centrum voor Revalidatie beschikt over een team van behandelaren dat zich specifiek richt op diagnostiek, behandeling en begeleiding van kinderen en jongeren met NAH. Het doel hiervan is om hun herstel een optimale kans te geven en om ze zo goed mogelijk te leren functioneren met de (blijvende) beperkingen.

Oorzaken

Er zijn veel verschillende oorzaken voor Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH). De belangrijkste noemen we hieronder:

  • Traumatisch hersenletsel, bijvoorbeeld door een verkeersongeluk, geweld of een val
  • Infectie, bijvoorbeeld meningitis
  • Problemen met de bloedvaten door een hersenbloeding of -infarct
  • Hersentumor
  • Kanker
  • Zuurstofgebrek, bijvoorbeeld door een hartstilstand of door bijna-verdrinking
  • Epilepsie

Vaak is er bij NAH hersenschade zichtbaar op een CT- of MRI-scan, maar niet altijd. Dat maakt het soms extra lastig om te diagnosticeren.

Gevolgen

De gevolgen van hersenletsel voor kinderen hangen af van de oorzaak en kunnen enorm verschillen per kind. Soms zijn de gevolgen zeer mild, soms zeer ernstig. Soms zijn ze goed zichtbaar en soms juist onzichtbaar.

Zichtbare gevolgen zijn bijvoorbeeld:

  • Verminderde kracht of gevoel in een gedeelte van het lichaam
  • Verminderde coördinatie van arm en/of been
  • Verminderde balans bij het staan en lopen
  • Verminderd vermogen om te spreken en/of te slikken
  • Problemen met de taal (afasie)

Onzichtbare gevolgen zijn bijvoorbeeld:

  • Problemen met het geheugen
  • Concentratie- en aandachtsproblemen
  • Problemen met ruimtelijk inzicht (bijvoorbeeld de weg vinden)
  • Problemen met plannen (bijvoorbeeld met huiswerk maken)
  • Problemen met het waarnemen
  • Overgevoeligheid voor licht en geluiden
  • Vermoeidheid
  • Verstoringen in de hormoonhuishouding
  • Karakterveranderingen
  • Ontremd gedrag
  • ‘Kort lontje’
  • Depressie

Deze gevolgen kunnen flinke problemen veroorzaken voor het functioneren thuis, op school of bij de studie. Niet alleen voor het kind zelf, maar ook voor zijn naasten (ouders, broers/zussen, vrienden etc.). De meeste gevolgen van hersenletsel zijn onzichtbaar. Dat maakt dat het soms lastig is om ze als zodanig te herkennen. Het risico daarvan is dat er teveel van het kind gevraagd wordt, wat de klachten alleen maar verergert. Bovendien leveren sommige beperkingen pas later in de ontwikkeling van het kind problemen op. Een kind van vijf ervaart waarschijnlijk nog weinig problemen als het plannen minder goed lukt, maar dat verandert als later huiswerk gemaakt moet worden. Omdat er dan zo’n tijd zit tussen de klachten en het hersenletsel, wordt het verband daartussen niet of pas laat gelegd.

Behandeling

De behandeling van kinderen met NAH is erop gericht om hun herstel in goede banen te leiden en de gevolgen van het hersenletsel zo goed mogelijk in kaart te brengen en te verminderen. Als er een probleem is waarvoor een specifieke training zinvol is, bieden we deze aan. Het kind en de omgeving worden zo goed mogelijk over de gevolgen voorgelicht, zodat er zo goed mogelijk rekening mee kan worden gehouden, bijvoorbeeld op school. Op deze manier kan het kind zich ondanks het hersenletsel zo optimaal mogelijk ontwikkelen. Afhankelijk van de ernst van het hersenletsel starten we de behandeling klinisch of poliklinisch op.

Behandelteam

Het behandelteam bestaat uit verschillende disciplines die elk vanuit hun eigen expertise worden betrokken. Regelmatig komt het behandelteam bij elkaar om de behandeling van uw kind af te stemmen.

Revalidatiearts

De revalidatiearts is als medisch specialist eindverantwoordelijk voor de behandeling. Hij of zij zal met u beoordelen welke therapieën nodig zijn en stuurt het team aan. Daarnaast zorgt de revalidatiearts voor de coördinatie van de revalidatiebehandeling met andere artsen, zoals de kinderarts of de neuroloog. Ook monitort de revalidatiearts de medische gevolgen van het NAH en speelt een rol in het voorschrijven van hulpmiddelen zoals spalken en aangepaste schoenen als dat nodig is.

GZ-psycholoog

De GZ-psycholoog kan onderzoek doen naar de cognitieve en gedragsmatige gevolgen van het hersenletsel. Deze informatie gebruiken we om te begrijpen wat de ontwikkelingsmogelijkheden zijn van het kind en hoe we het hier zo goed mogelijk in kunnen begeleiden, zowel thuis als op school. Ook kan de psycholoog met ondersteunende gesprekken een rol spelen in de verwerking van het hersenletsel. Soms is het nodig om onderzoek te doen naar een posttraumatische stressstoornis en het kind hiervoor te behandelen.

Creatief therapeut

De creatief therapeut beoordeelt het sociaal-emotioneel functioneren van het kind en zoekt naar manieren om zijn bewustwording te vergroten, het hersenletsel te verwerken en de sociale vaardigheden te vergroten.

Medisch maatschappelijk werker

De medisch maatschappelijk werker kan worden betrokken om de ouders en de rest van het gezin te ondersteunen en adviseren. En speelt ook een belangrijke rol in de coördinatie van de behandeling met bijvoorbeeld school of de gemeente. Daarnaast kan deze maatschappelijk werker voorlichting geven over hoe hulpmiddelen of zorg (als dat nodig is) kan worden gerealiseerd.

Fysiotherapeut

De fysiotherapeut beoordeelt met name de motoriek, de kracht en de conditie van het kind. Hij/zij kan een fysiek trainingsprogramma opstellen dat past bij de doelstellingen en de mogelijkheden van het kind.

Ergotherapeut

De ergotherapeut beoordeelt het handelen van het kind. Daarvoor kan de ergotherapeut de fijne motoriek en het planmatig handelen beoordelen (eventueel op school), net als de prikkelverwerking en verkeersveiligheid. Ook kan zij helpen met het opstellen van een schema om activiteiten op een goede manier weer op te bouwen.

Logopedist

De logopedist beoordeelt de spraaktaalvaardigheid en de mondmotoriek van het kind en kan training geven om bijvoorbeeld het slikken of het spreken te verbeteren of adviezen hoe hiermee om te gaan.

Controle

Wij houden kinderen met hersenletsel onder controle tot in elk geval hun 18e levensjaar. Dit vanwege het feit dat sommige beperkingen soms pas naar boven komen als het kind zelfstandiger moet worden (bijvoorbeeld met naar de middelbare school gaan of het opstarten van een studie). Als de jongere 18 is, overleggen we samen of een overdracht naar het team volwassenen met NAH verstandig is.